Home » De Bijbel en de armen

De Bijbel en de armen 


 

De boodschap van de Hebreeuwse Bijbel is dat het dienen van God en het dienen van onze medemensen onlosmakelijk met elkaar verbonden zijn en dat een scheiding een verarming betekent van beide. Indien het heilige ons niet uitleidt naar het goede en het goede ons niet terugleidt naar het heilige om erdoor vernieuwd te worden, droogt de creatieve energie van het geloof op.

In zes dagen, vertelt het eerste hoofdstuk van Genesis ons, heeft God een heelal geschapen en verklaard dat het goed is. Op de zevende dag heeft Hij een moment van rust ingesteld in de woelige wereld en dit heilig verklaard. Indien we het heilige en het goede niet opnieuw met elkaar verbinden doen we geen recht aan de eenheid die het kenmerk is van de monotheïstische verbeelding.

(Uit "Een gebroken wereld heel maken" door Rabbi Jonathan Sacks.
Jaar van uitgave: 2016 )


Welzalig zijn zij,
die te allen tijde gerechtigheid doen.
Psalm 106:3

 

Liefdadigheid verandert materie in geest;
zij verandert een geldstuk in vuur.
- De Rebbe

 

Waarom geven wij geld aan liefdadige doelen?
De sleutel tot het begrijpen van liefdadigheid ligt in het besef dat een gift niet alleen een geschenk is aan degene die ontvangt, maar evenzeer aan degene die geeft. De drang om liefdadig te zijn is een van de meest fundamentele menselijke behoeften, te vergelijken met de behoefte aan voedsel, bescherming en liefde.
Wij hebben de behoefte om dat wat ons geschonken is met anderen te delen. Liefdadigheid is een van de eenvoudigste en tegelijkertijd een van de diepzinnigste manieren om deze stoffelijke wereld te vervolmaken en een eenheid met de medemens en met G'd tot stand te brengen; kortom om onze kosmische opdracht ten uitvoer te brengen. Via liefdadigheid brengen we eenheid in een verdeelde wereld.


Liefdadigheid maakt het ons mogelijk het stoffelijke te vergeestelijken, en concreet vorm te geven aan onze deugdzame bedoelingen. G'd had zonder moeite de rijkdom gelijkelijk over alle mensen kunnen verdelen. Maar, zoals de wijzen zeggen: 'Als iedereen arm was of iedereen rijk, wie zou dan nog edelmoedig zijn? Zoals G'd voortdurend geeft - iedere fractie van een seconde, iedere dag die deze aarde kent - stelt liefdadigheid ons mensen in staat te geven, en zo zelf G'ddelijk te worden.


Op de keper beschouwd heeft G'd het heelal geschapen als een ingewikkeld systeem van geven en nemen. Ons hele bestaan draait om de relatie tussen deze twee. Om maar een voorbeeld te geven: de plant heeft koolzuur nodig, dat door de mens wordt uitgeademd, de mens heeft zuurstof nodig, die door bomen en planten wordt geproduceerd. Liefdadigheid past in ditzelfde patroon, gever en ontvanger kunnen niet zonder elkaar.
'Meer dan de rijke man voor de arme doet', zeggen de wijzen, 'doet de arme voor de rijke man.'


Daarnaast is liefdadigheid een daad van pure rechtvaardigheid. Het is juist dat de verantwoordelijkheid voor je eigen leven op de eerste plaats komt. Maar kunnen jou gemak en genoegen van grotere waarde zijn dan de basisbehoeften van je medemens? Ben jij in staat de hoogste niveaus van intellect en spiritualiteit na te streven als je weet dat je medemens steun behoeft op minimaal bestaansniveau?


Welke macht heeft geld?
De macht van liefdadigheid is zo groot dat zij geen ruimte laat in eigenbelang te zwelgen. Rechtschapen daden zijn in het algemeen uiterst nuttig, zij verheffen de ziel, maar het geven van geld aan liefdadige doelen is het meest effectief om het stoffelijke te vergeestelijken. Het geven van geld betekent dat we een deel van wat wij zijn - onze capaciteiten, onze inspanningen, onze ambities, onze betrokkenheid - afstaan.


Geld op zichzelf kan een vloek zijn. Als toonbeelden van materialisme zijn geld en rijkdom wispelturig van aard, en zeer vergankelijk. Geld kan eindeloos angst veroorzaken, omdat je ongeacht de hoeveelheid die je bezit, nooit weet of je voldoende hebt en of je het niet op de een of andere manier zult kwijtraken.
Als je het begrip geld in een breder perspectief plaatst en inziet waarom het juist jou werd geschonken, is het geen vloek, maar een zegen. Door je rijkdom te benutten voor liefdadige en menslievende doeleinden in plaats van het op te maken aan de grillen van het moment, krijgt je geld eeuwigheidwaarde.


Hoe moet je aan liefdadigheid vormgeven?
Zelfs al is liefdadigheid vanuit egoïstische motieven of met tegenzin betracht, dan nog dient zij het beoogde doel, omdat een mens in nood ermee is geholpen. Het zal echter duidelijk zijn dat deze vorm niet de ideale vorm van liefdadigheid is. Het is veel beter als het gebaar oprecht gemeend is en recht uit het hart komt. Het is nog beter als de gever anoniem blijft, met name als de gift voor de mens in nood pijnlijk of beschamend zou kunnen zijn.

De hoogste vorm van liefdadigheid zouden we in de eerste instantie misschien niet als liefdadigheid aanmerken: iemand in de positie brengen dat hij geen hulp van anderen meer nodig heeft. Je kunt bijvoorbeeld een gezin twaalf maanden lang van eten en drinken en van de overige noodzakelijke levensbehoeften voorzien - of tien maal twaalf maanden, of twintig maal. Dat dit van een verheven en liefdadige houding getuigt, staat buiten kijf. Maar zou het niet veel verhevener en liefdadiger zijn het hoofd van dat gezin werkgelegenheid te bezorgen, of een lening te verstrekken of hem op een andere manier zijn waardigheid en zelfrespect terug te geven, zodat hij financieel weer op eigen benen kan staan?


Liefdadigheid opent de sluizen der rijkdom van boven. Alvorens te besluiten in hoeverre Hij iemand in de toekomst zal zegenen, beziet G'd vaak eerst hoeveel die man of vrouw van zijn vergaarde rijkdom heeft afgestaan.
Liefdadigheid betekent tevens een duizendvoudige verrijking van hart en geest. Als je voor een liefdadige handeling ruim de tijd neemt, bijvoorbeeld een uur of een hele dag - tijd die je eigenlijk voor iets anders meende nodig te hebben -, zul je merken dat je meervoudig beloond wordt. Voeg hierbij de zegen van de liefdadige handeling zelf, en je zult veel meer tot stand brengen dan wanneer je je aandacht uitsluitend op eigenbelang had gericht. Bovenal is het van belang in alle opzichten een edelmoedig mens te zijn.


Welke situatie zich ook voordoet, het is goed naar vermogen te geven en anderen te helpen, niet omdat je dat als een verplichting voelt, maar simpelweg omdat je ernaar zou moeten streven een op G'd gelijkend gever te zijn.
We moeten allen op zoek gaan naar nieuwe wegen om te leren geven en te delen. Zolang er mensen zijn die het noodzakelijke ontberen, blijft het onze plicht te helpen - niet alleen ter wille van hen, maar ook ter wille van onszelf, immers geven ligt in onze natuur besloten. Zelfs al zou er op aarde niet één sterveling meer zijn die naar een warme maal verlangt of die de huur niet kan opbrengen, dan nog zou het zinvol zijn je medemens bemoediging, inspiratie en begeleiding te geven.


Kijk om je heen en stel jezelf de vraag: Wat kan ik afstaan om een ander mens te helpen? Maak je geen zorgen dat je minder edelmoedig bent dan je zou willen, of dat je niet voldoende tijd kunt vrijmaken. Als het erom gaat iets van jezelf te geven, is niets te klein, en niets te groot.

 

Aantekeningen van het hoofdstuk 'Liefdadigheid En Rijkdom' uit het boek
Zinvol Leven. Vertaald werk van rabbi Menachem Mendel Schneerson.
Jaar van uitgave: 1997


Mooie video van een korte Bijbelse overdenking van
Danita Estrella

Danita is de oprichster van Danita's Children in Haiti. Dit is een non-profit organisatie die zich inzet voor de opvang en zorg van weeskinderen en kansarme kinderen.

"God gives us big dreams and the courage to live them.
I am grateful today that He equips us with everything we need to answer the call on our lives."
Danita Estrella Watts

 

Vertaling:
"God schenkt ons grote dromen en geeft ons de moed om ze te kunnen leven.
Vandaag de dag ben ik dankbaar dat God ons voorziet met alle kwaliteiten
die we nodig hebben om te kunnen beantwoorden aan de roeping van ons leven"

 


Bijbelverzen om over na te denken...


 

Roep luidkeels, houd niet in, verhef uw stem als een bazuin en maak mijn volk zijn ​overtreding​ bekend en het ​huis​ van ​Jakob​ zijn ​zonden.

Wel zoeken zij Mij dag aan dag en hebben zij een welgevallen aan de kennis mijner wegen, als een volk dat ​gerechtigheid​ doet en het recht van zijn God niet veronachtzaamt. Zij vragen Mij rechtvaardige verordeningen, zij hebben er een welgevallen aan tot God te naderen. Waarom ​vasten​ wij, als Gij er toch niet op let: verootmoedigen wij ons, als Gij er toch geen acht op slaat?
Zie, op uw vastendag doet gij zaken en drijft gij al uw arbeiders aan.

Jesaja 58:1-3

 

Zou dit het ​vasten​ zijn, dat Ik verkies, een dag, waarop de mens zichzelf verootmoedigt: dat hij zijn hoofd laat hangen als een bieze en zich rouwgewaad en as tot een ​leger​ spreidt? Noemt gij dat een ​vasten, dat een dag die de Here welgevallig is? Is dit niet het ​vasten​ dat Ik verkies: de boeien der goddeloosheid los te maken, de banden van het ​juk​ te ontbinden, verdrukten vrij te laten en elk ​juk​ te verbreken? Is het niet, dat gij voor de hongerige uw brood breekt en arme zwervelingen in uw ​huis​ brengt, ja, als gij een naakte ziet, dat gij hem bekleedt en u niet onttrekt aan uw eigen vlees en ​bloed?

Jesaja 58:5-7

 

Door het geloof heeft Mozes, toen hij groot geworden was, geweigerd een zoon van de dochter van de farao genoemd te worden.
Hij koos ervoor liever met het volk van God slecht behandeld te worden dan voor een ogenblik het genot van de zonde te hebben.
Hij beschouwde de smaad van Christus als grotere rijkdom dan de schatten in Egypte, want hij had het loon voor ogen.
Hebreeën 11: 24-26

Want één dag in Uw voorhoven
is beter dan duizend elders;
ik verkoos liever te staan op de drempel van het huis van mijn God
dan lang te wonen in de tenten van de goddeloosheid.
Psalmen 84:11